Tijdens de Suez-crisis in 1956 werd twee derde van de Europese olie-import afgeknepen. In de oliecrises van de jaren 70 steeg de olieprijs met een factor 4. De Golfoorlog van 1990 leidde tot 7 procent reductie van de wereldwijde olieproductie. In 2006 en 2009 liet Rusland zijn macht over Europa zien door tot twee keer toe de gaskraan dicht te draaien. De gevolgen van de invasie van Oekraïne in 2022 merken we nog steeds en het huidige conflict in het Midden-Oosten werpt zijn schaduw steeds meer vooruit. In alle gevallen is de reflex hetzelfde; het intensiveren van de fossiele infrastructuur. Aanleg van nieuwe strategische reserves,, het aanboren van nieuwe bronnen van fossiel, de bouw van pijpleidingen en de opening van nieuwe LNG-terminals. In plaats van onze kwetsbaarheid af te bouwen, worden er pleisters geplakt. Ook nu weer is hetzelfde patroon zichtbaar. De huidige energiecrisis is nog nauwelijks begonnen of de contouren van de volgende dienen zich alweer aan. Het afknijpen van Amerikaans LNG, het opblazen van een offshore gasleiding met Noors gas, of het saboteren van raffinaderijen in Rotterdam. In al deze niet ondenkbare scenario’s ontstaat een volgende energiecrisis.
“Er staat veel op het spel voor ons en Europa: onze vrijheid en welvaart”
Als we dit willen voorkomen moeten we met overtuiging kiezen voor een ander pad: structurele verduurzaming van het energiesysteem en de economie. Voor de jaren 90 waren hiervoor de mogelijkheden nog beperkt, maar ondertussen zijn alle technieken die we daarvoor nodig hebben beschikbaar. Geen excuus dus meer om niet vol in te zetten op de energietransitie en een duurzame economie. Er staat veel op het spel voor ons en Europa: onze vrijheid en welvaart.
De fossiele reflex moet koste wat kost voorkomen worden. Verlagen van accijns en het compenseren van energiekosten in de breedte zijn niets minder dan verkapte fossiele subsidies. Het gaat om Nederlands belastinggeld en schulden die Nederland aan moet gaan, ten gunste van de inkomsten van de grote olie- en gasproducerende landen. Indirect sponsoren we zo de staatskas van Rusland en andere onbetrouwbare regimes. De Duitse denktank Kiel Institut heeft berekend dat elke euro die we minder aan olie en gas uitgeven, leidt tot 37 cent dat we minder aan defensie hoeven uit te geven omdat we de oorlogskas van onder ander Rusland minder spekken [1]. Ondersteuning voor huishoudens en werknemers die door gestegen energieprijzen in de problemen komen is weliswaar nodig, maar de primaire focus moet liggen op het afbouwen van onze afhankelijkheid en het voorkomen van de volgende crises. Nieuwe bronnen of reserves van fossiel gaan ons daar niet bij helpen.
Het is te prijzen dat het kabinet nog niet tot het generiek verlagen van de energieprijzen door het verlagen van accijns of iets dergelijks is overgegaan, maar in de Kamerbrief van 16 maart over de ‘Economische impact gewapend conflict Midden-Oosten’ [2] worden dergelijke maatregelen wel expliciet genoemd voor latere besluitvorming. In deze brief van tien pagina’s is er slechts één alinea gewijd aan verduurzaming terwijl daar de echte oplossing zit.
“Naast de windfall tax kan ook een deel van de opbrengsten van de vrijheidsbijdrage ingezet worden voor de energietransitie”
Om het duurzame energiesysteem versneld te realiseren is er in de eerste plaats politiek lef en maatschappelijke wil nodig. De opvolgende energiecrises leggen de kwetsbaarheid van het huidige systeem bloot, het is te hopen dat zij ook zorgen voor het momentum van verandering. We hebben financiële middelen nodig en beleid dat de energietransitie maximaal ondersteunt. Voor het geld kan in de eerste plaats gekeken worden naar het afromen van overwinsten van partijen die profiteren van de huidige stijging van fossiele energiekosten. Dit kan met een zogenoemde windfall tax: een zogenaamde meevallerbelasting. Tijdens de vorige energiecrisis hebben olie- en gasbedrijven honderden miljarden extra winst gemaakt doordat de energieprijzen omhoog schoten. De Europese unie heeft daarom in 2022 lidstaten aangeraden om een windfall tax te gaan heffen. 24 van de 27 lidstaten hebben dit advies opgevolgd en ruim €26 miljard opgehaald bij olie- en gasbedrijven. Nederland heeft dit advies toen niet opgevolgd [3] en heeft geld geleend om de kosten van de energiecrisis het hoofd te bieden. Nu de volgende energiecrisis zich aandient heeft Nederland een herkansing om de kosten van de energietransitie wél neer te leggen bij de partijen die profiteren van de huidige fossiele afhankelijkheid.
Naast de windfall tax kan ook een deel van de opbrengsten van de vrijheidsbijdrage ingezet worden voor de energietransitie. De vrijheidsbijdrage is ingesteld om aan de NAVO-norm ( 5 procent van het BBP uitgeven aan defensie) te voldoen. De NAVO-norm biedt ruimte om 1,5% van de 5% aan infrastructuur ten behoeve van de weerbaarheid te besteden. Een investering in het energiesysteem is een investering in de weerbaarheid van Nederland en daarmee een borging van onze vrijheid.
Met deze financiële middelen kan de overheid huishoudens en werknemers in acute nood verlichting geven. In het geval van beroepen waar thuiswerken of het OV geen optie is, kan er een tegemoetkoming voor de reiskosten via de werkgever worden uitgekeerd. Voor de energiekosten van huishoudens in energiearmoede kan het energienoodfonds ingezet worden. De rest van de middelen kan ingezet worden voor subsidiëring van de eerdergenoemde verduurzamingsmaatregelen. Uiteraard in combinatie met aangescherpte normeringen en beprijzing waar dat kan. Denk aan de energiebesparingsplicht die bedrijven verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen die zichzelf binnen vijf jaar terug verdienen, het verbieden van de mono-CV ketel, of het verplicht beter isoleren van huurwoningen. Ook zal er vaart gemaakt moeten worden met de aanleg van de energie-infrastructuur. De bouw van de LNG terminal in Groningen tijdens de Oekraïnecrisis liet zien dat waar normaal gesproken vijf jaar voor nodig is het ook binnen een half jaar gerealiseerd kan worden, als de nood aan de man is [4]. Tijd om met dezelfde voortvarendheid ook nu aan de slag te gaan.
De energietransitie moet prioriteit krijgen als we onze economie weerbaar willen maken en onze veiligheid willen borgen. Als we dit nu op de lange baan schuiven omdat we afgeleid zijn door de geopolitieke ontwikkelingen, spannen we het paard achter de wagen en maken we ons extra kwetsbaar voor geopolitieke machtspelen sabotage. De geschiedenis herhaalt zich niet vanzelf. Wij herhalen haar.
[1] https://www.kielinstitut.de/publications/the-security-dividend-of-climate-policy-18037/
[2] https://open.overheid.nl/documenten/a4fede99-7578-45f9-97bf-c3b83840b9f5/file
[3] https://taxfoundation.org/data/all/eu/windfall-profits-taxes-europe/
[4] Onderzoek van Arcadis laat zien dat meer energieprojecten versneld kunnen worden binnen de huidige regelgeving: https://www.nvde.nl/wp-content/uploads/2026/03/Arcadis-rapport-Succesvolle-praktijkvoorbeelden-uit-de-energietransitie-2-mrt-2026.pdf